zondag 24 november 2013

Avondblouse met gehaakte pas uit 1951




Gisteren heb ik mijn vintage hart weer helemaal kunnen ophalen: ik heb de musical Jersey Boys in het Beatrixtheater in Utrecht bezocht en ik vond het súper!!! 
Voor mij zijn de songs van deze mannen puur jeugdsentiment. Mijn ouders hadden hun winkel aan huis en mijn vader is helemaal gek op Country & Western-, 50er- en 60er jaren muziek. In een kastje onder de TV stond de cassetterecorder met 2 boxen in de woonkamer en twee boxen in de winkel. Die winkel zat een deur verder. De hele dag stond de muziek op de achtergrond aan en als de doffe “plop” uit het kastje kwam - cassettebandje afgelopen - dan draaide je die direct even om! 
Later heeft eens iemand aan me gevraagd hoe het toch mogelijk was dat ik, als jong meisje, ál die oude nummers letterlijk kon meezingen? Nou, dáárom dus!
Van Jim Reeves tot Engelbert Humperdinck van The Four Seasons of The Four Tops. Noem een willekeurige oude Country & Western tranentrekker en ik galm’m heerlijk mee, maar zelf draaien doe ik die muziek eigenlijk helemaal niet.


De musical over Frankie Valli en de Four Seasons wilde ik heel graag zien en gisteren was het zo ver. 
Samen met mijn schoonzus en twee vriendinnen, gekleed in de 60’s style, hadden we aardig wat bekijks en de grootste lol. We hebben alle vier enorm genoten van de voorstelling en na afloop nog heerlijk tapas gegeten. 

In de trein richting Utrecht trekt mijn vriendin ineens haar haakwerkje uit haar tas! Ze is begonnen aan de 60-er jaren noppenmuts uit het vorige blog en had even advies nodig. Het moet een mooi gezicht geweest zijn: twee dames met hun haren getoupeerd, hakend in de trein.

Met de feestdagen in het vooruitzicht heb ik een patroon van een  “avondblouse” gevonden in de Beatrijs Haken en Breien van december 1951. Het bijschrift luid: “Apart doch alleen geschikt voor zeer speciale gelegenheden”. Deze blouse is gebreid in de boordsteek en de tricotsteek en gehaakt met de heksensteek.

Heel veel plezier ermee en ik hoop dat iemand binnenkort met dit prachtige 50-er jaren feestpatroon naar een speciale gelegenheid gaat.

--------------------------------------------
Patroon letterlijk overgenomen uit de Beatrijs Haken en Breien van december 1951. Merk je een fout of tikfout op, laat het me aub weten.


AVONDBLOUSE MET GEHAAKTE PAS
Benodigdheden: ongeveer 200 gram wol of glansgaren in een pasteltint. Breinaalden:  no. 2 ½ en een haaknaald passend bij de dikte van de wol of het garen.
Werkbeschrijving voor maat 38-40, wanneer de stekenverhouding 30 st. op 10 cm bedraagt.
RUG: opzetten 102 st. en 9 cm 1 r., 1 av. breien, daarna over alle st. verdeeld 10 st. meerderen en verder gaan in tricotst.  Aan beide kanten telkens na 2 cm 1 st. meerderen totdat er 132 st. op de naald staan. Bij een totale hoogte van 30 cm voor de armsgaten aan beide kanten 1 maal 5, 1 maal 2 en 8 maal 1 st. afkanten en tegelijkertijd voor de hals de middelste 26 st. afkanten en met de st. aan weerskanten hiervan afzonderlijk verder gaan. Aan de kant van de hals telkens 2 st. afkanten totdat er geen st. meer over zijn.
VOORPAND: Dit wordt op dezelfde wijze gebreid.
PAS: Een ketting van lossen haken tot een lengte van ongeveer 72 cm. Verder haken in heen- en weergaande toeren. De eerste toer: in elke losse 1 vaste, de eerste vaste beginnen in de 2e losse van de naald af, verder gaan in de heksensteek als volgt: * de lus ongeveer 1 cm doortrekken, omslaan, doorhalen; er is dus nu een lange losse gehaakt. Nu een vaste maken in de achterste draad van de uitgerekte steek (niet in de lus zelf, maar in de draad die van de vorige st. naar de haaknaald loopt). Nog 1 keer van * af herhalen, dan in de 3e vaste van de vorige toer een vaste maken. Van het begin af herhalen en steeds in iedere 3e vaste 1 vaste maken, totdat de toer uit is. Deze toer steeds herhalen. De vasten komen nu steeds op de vasten van de vorige toer, die de 2 lussen met elkaar verbinden. De steken verspringen dus in iedere toer. Wanneer de hoogte 14 cm bedraagt, afhechten.
AFWERKING: De pas met een onzichtbaar steekje langs de hals van voor- en achterzijde naaien; de armsgaten blijven dus vrij, zodat het overige deel van de pas voor de mouwtjes dienst doet. De opzettoer is de halslijn. De pas kan van achteren tegen elkaar genaaid of met knoopjes gesloten worden. Hiervoor langs de beiden kanten 3 toeren vasten haken, in de eerste toer worden de openingen door lossen overbrugd; in de laatste toer aan de rechterkant de vasten 8 maal op gelijke afstand afwisselen door 2 lossen voor de knoopsgatenlusjes. Op de linkerkant worden de knoopjes genaaid.

2 opmerkingen:

  1. Wat een geweldig blog heb je, Marieke. Heerlijk, al die oude patronen. Ik ga je volgen, want dit is zó leuk!
    Groetjes,
    Paula

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Dankje voor het compliment en leuk dat je mijn blog wilt volgen.

      Verwijderen