woensdag 23 oktober 2013

Goed gemutst

remedie tegen elke najaarsdip: deze lach!
Wat een prachtig najaarsweer hebben we toch!
De seizoenswisselingen vind ik altijd bijzonder en de herfst is wel een beetje "mijn" seizoen.
Het is ook een verwarrend seizoen; Gisteren zag ik twee dames achter elkaar aan fietsen, één met een gebreide muts op en de andere met blote voeten in slippers!
Kunnen we niet, net zoals we in het voorjaar de "rokjesdag" kennen, een "mutsendag" instellen?

De (zelf)gebreide of -gehaakte mutsen zijn het helemaal deze winter. Je ziet ze in de winkels, in de handwerkzaken, op het internet. Overal. Zelfs mijn dochter heeft mij er om gevraagd. Of het nou Myboshi is, of Lana Grossa. Zeeman of Wibra. Alles en iedereen is aan het mutsen.

Mijn verzameling oude patronen geeft me ook weer volop inspiratie.

Jaren 40
jaren 50, gebreid hoedje

jaren 60  (gehaakt)
jaren 70


Zijn er liefhebbers voor het patroon van het jaren 50 hoedje? Ikzelf vind'm fantastisch, maar ga dat niet dragen. Wie weet maak ik er iemand toch blij mee?                                                                                                                                                             Voorlopig zal ik wat mutsenpatronen uit vervlogen jaren met jullie delen, maar éérst even dit: Dit is het achterpand van de Noorse trui uit het blog van 21 september jl. Pauline is deze trui aan het breien en helemaal enthousiast over het patroon. Het resultaat ziet er  heel mooi uit. Op het blog zelf heb ik haar bevindingen gezet over de maat en over het materiaal wat ze ervoor gebruikt. 

Ik begin met deze.                                                                                                                                 Een tijdloos model eigenlijk (we zouden het nu een "Beanie" noemen toen heette het een "Beursmuts") in patentsteek. Het is alweer een patroon uit de Eva Breit. Zo langzamerhand ben ik dat hele breiboek van toen opnieuw aan het uitgeven! Dit zegt de Eva Breit er zelf van: "Een gebreide muts kan een mooie bekroning zijn van 'n jeugdig gezicht! Zo'n muts kan sportief kleden, grappig, maar ook echt elegant. En in ieder geval is een gebreide muts niet alleen gemakkelijk in de winter, hij is ook werkelijk warm, vooral voor de oren. Met een speciale gehaakte kraag of gebreide sjaal vormt de muts vaak een geslaagde set".
 Bij dit model wordt ook nog vermeld: 
"Een lichte, zwierige beursmuts in mohairwol, die een luchtig maar heerlijk warmhoudend geheel vormt met de brede sjaal met franje. Beiden werden ontworpen in de patentsteek. Deze combinatie van muts en das is tegelijk sportief, jeugdig en gekleed.

Hier is het patroon, overgenomen uit de Eva Breit 1961-1962.

Muts en sjaal van mohairwol
Materiaal: 5 bolletjes mohairwol, breinld. no. 5 en 4, 4 breinld. no. 4 ½  zonder knop.
Patentsteek:
1e nld.: * 1 r., 1 av. met een omsl., herhaal van * af.
2e nld.: de afgeh. st. met de omslag r.sbr., 1 st. av. afh. met omsl.
Herhaal steeds deze twee nld.
Muts: Zet 60 st. op met nld. no. 5 en brei 9 cm in patentsteek. Ga verder met nld. no. 4 gedurende 4 cm. Daarna met nld. no. 5 gedurende 7 cm verder breien. Kant af. Zet daarna voor de bol van de muts 50 st. verdeeld over 3 breinld. no. 4 ½ zonder knop op en brei met de 4e nld. in het rond in de tricotsteek, in de 5e toer als volgt minderen: * 3 st. breien, 2 st. r.sbr., herhaal van * af. Brei 3 toeren  zonder minderen en minder dan als volgt: * 2 st. breien, 2 st. r.sbr., herhaal van * af. Brei 2 toeren zonder minderen en minder dan als volgt: *1 r. 2 r.sbr., herhaal van * af. Brei 1 toer zonder minderen en brei dan alle st. 2 aan 2 samen. Haal door de overige st. de draad en hecht stevig af.
Afwerking: Sluit de middenachternaad van de muts. De laatste 7 cm van de muts naar binnen naaien en naai de bol in de muts, precies op de zoomnaad.
Sjaal: Zet 30 st. op met nld. no. 5 en brei 85 cm in patentst. Kant af. Maak aan beide uiteinden van de sjaal franje van 5 cm.

vrijdag 4 oktober 2013

Nog een prachtig Noors patroon uit de jaren 60

De reacties op het patroon uit mijn vorige blog; de trui met het Noorse patroon uit de jaren 60, waren erg enthousiast. Het is echt heel leuk om van jullie reacties te krijgen om mijn blogs.

In dezelfde Eva Breit 1961-1962 staat nog een prachtig Noors patroon, nl. van dit jasje: 

Wel een stuk ingewikkelder dan het vorige patroon. Niet alleen met drie kleuren gebreid, maar ik raak ook lichtelijk geïntimideerd van dat stukje tekst bij “afwerking”: Knip uit de voeringstof alle delen met naad na. Naai de voering in het jasje en naai de treksluiting in”.  Ehhhh…ja tuurlijk, doe ik “even”.

Ik ben niet zo’n held met voeringen en/of naaimachines. Waarschijnlijk is dit jasje ook prima te dragen zonder voering, dan heet het gewoon een vest, en eventueel zelfs zonder capuchon (maar dat maakt’m nou net weer zo lekker sportief!). In de zestiger jaren vonden ze dit soort patronen vooral geschikt voor “teenagers”. Tegenwoordig mag dit toch zeker voor alle leeftijden zijn?
Helaas staat er geen duidelijke maat aangegeven. De teenagers in de jaren 60 waren waarschijnlijk allemaal even groot. Kijk goed naar de cm aanduiding bij "Maten", en maak écht een proeflapje voor je begint.

Dit zegt de Eva Breit zelf over het patroon:
“Een sportjasje in jacquardpatroon met capuchon. Dit is een werk voor breisters, die niet tegen wat moeite opzien. Het inbreien van de kleuren is namelijk nogal gecompliceerd. Het jasje wordt geheel gevoerd met effen stof en voorzien van een deelbare treksluiting. We gebruiken drie kleuren, bv wit, licht- en donkerblauw”.

Ik vind het een prachtjasje en ik hoop er toch wat breisters mee te bereiken die niet, zoals Eva zegt “tegen wat moeite opzien”! Het resultaat zal geweldig zijn.

Hieronder het patroon, letterlijk overgenomen uit de Eva Breit 1961-1962. Goed gecontroleerd op tikfouten, maar mocht je iets tegenkomen laat het me ajb weten. En jullie weten het hé? Als je het maakt mag ik dan ajb het resultaat bewonderen?
-------------------------------

SPORTJASJE  IN JACQUARDPATROON

Speciaal voor teenagers
Materiaal: Ongeveer 500 gram lichtblauwe, 200 gram donkerblauwe en 200 gram witte wol, breinld. no. 3 ½ of 4, een deelbare treksluiting, donkerblauwe voeringstof voor het gehele jasje.
Maten: Bovenwijdte 92 cm met 16 cm overwijdte, lengte 56 cm, binnnenmouwlengte 43 cm.
Attentie: Bij een proeflapje in het patroon moeten 24 st. en 26 nld. 10 cm breed, respectievelijk hoog zijn.
Rugpand: Zet 113 st. op met de lichtblauwe wol en brei 5 nld. in de tricotsteek voor de zoom. Brei daarna 1 nld. av. op de goede zijde van het werk als zoomvouw en brei nog 4 nld. in de tricotsteek. Brei dan verder volgens schema in het jacquardpatroon. Meerder daarbij aan weerszijden 8 maal, om de 10 nld., 1 st. (129 st.) De armsgaten worden niet uitgerond. Op een hoogte van 132 nld (51 cm) vanaf de zoom, aan  weerszijden voor de schouders 8 maal 5 st. afkanten. Neem de overige 49 st. voor de rughals op een hulpnld.
Linkervoorpand: Zet 57 st. op met de lichtblauwe wol en brei een zoom als bij het rugpand. Brei na de zoomvouw 4 nld. met blauw verder en brei dan het jacquardpatroon in. Meerder daarbij aan de rechterkant 8 maal, om de 10 nld. 1 st. Op een hoogte van 132 nld, vanaf de zoom aan de zijkant voor de schouder 8 maal 5 st. afkanten. Neem de overige st. op een hulpnld.
Rechtervoorpand: Brei dit in spiegelbeeld van het linkervoorpand.
Mouwen: Begin aan de onderkant en zet 42 st. op met de lichtblauwe wol. Brei 6 cm. in boordpatroon (2 r. 2 av.) Meerder daarbij in de laatste nld. verdeeld 7 st. (49 st.). Ga verder in het jacquardpatroon en meerder daarbij aan weerszijden 20 maal, om de 4 nld. 1 st. en daarna nog 4 maal, om de 3 nld. 1 st. meerderen (97 st.) Op een hoogte van 96 patroonnaalden (37 cm) alle st. afkanten. Let er op, dat bij het laatste patroon de donkerblauwe blokjes vervallen , dus de mouw eindigt, zoals deze begon.
Capuchon: Neem de st. van de hulpnld. als volgt op: 25 st. van het rechtervoorpand, brei hiervan 24 st. aansluitend verder in patroon, brei de laatste st. samen met de eerste st. van het rugpand, brei op de volgende 47 st. aansluitend in patroon, de laatste st. sbr. met de 1e st. van het linkervoorpand en brei de 24 st. van het voorpand verder in patroon (97 st.). Brei nog 43 nld. en zet dan aan weerszijden 36 st. op een hulpnld. Brei verder op de middelste 25 st. gedurende 37 patroonnld., daarbij aan weerszijden steeds 2 st. van de hulpnld. meebreien, in totaal 18 maal. Neem vervolgens langs de beiden zijkanten van de capuchon de randlussen op en brei over alle st. 1 nld. av. op de goede zijde als zoomvouw en nog 4 nld. in boordpatroon met de lichtblauwe wol. Kant de st. losjes in patroon af.
Afwerking: Pers de delen luchtig op. Knip uit de voeringstof alle delen met naad na. Sluit alle naden van het jasje. Naai de zomen vast en naai de voering in het jasje. Naai de treksluiting in.